Serethetház - nieuws
November 2009
Dunaalmási Református Serethetház
Maasse H.
2545 Dunaálmas
Jokai M. u. 16 Hungary
gonniemaasse@kimon.nl
Tel. 0900- 0784 (inbel nummer)
Tel. 0036 304977324 (Hongaarse 06)
Loof, loof den HEER', mijn ziel, met alle krachten;
Verhef Zijn Naam, zo groot, zo heilig t' achten;
Och, of nu al wat in mij is, Hem prees!
Loof, loof, mijn ziel, den Hoorder der gebeden;
Vergeet nooit één van Zijn weldadigheden;
Vergeet ze niet; 't is God Die z' u bewees.
Verhef Zijn Naam, zo groot, zo heilig t' achten;
Och, of nu al wat in mij is, Hem prees!
Loof, loof, mijn ziel, den Hoorder der gebeden;
Vergeet nooit één van Zijn weldadigheden;
Vergeet ze niet; 't is God Die z' u bewees.
Ps. 103:1
Lieve allemaal,
Het jaar 2009 is al een eind om als u deze brief krijgt. Een jaar waarin ik mocht beginnen met het werken in het Hongaarse gehandicaptenhuis Serethetház. Een mooi en bijzonder, maar ook een pittig jaar. Bijzonder om steeds meer contact te krijgen. Contact met de gemeenteleden, met de jongeren op de vereniging, met collega’s. Maar vooral met de bewoners. Echt contact. Samen lachen, samen huilen, samen stil zijn, samen boos worden, samen zingen of samen spelen om daarna samen verder te kunnen. In vriendschap en verbondenheid. De bewoners erkennen in hun emoties, erkennen in hun persoon.
Naast het mooie, is het soms ook pittig geweest. Wat ook logisch is door een vreemde taal en een andere cultuur. Het bekende en vertrouwde Nederland/Gouda achter gelaten. Familie en vrienden die in gedachten mee gaan, maar letterlijk op afstand zijn. Even een bakkie doen is over.
En dan is God een Hoorder van de gebeden. Zoals verwoord in verschillende psalmen, waaronder psalm 103 die bovenaan staat. Van mijn gebeden: ik mocht gaan, een groot deel van de financiële middelen is toegezegd. God heeft ook hier in Hongarije mijn zuchten en zingen gehoord op momenten waarop het eenzaam/moeilijk was. Dat heeft me gevormd. Daardoor voel ik me afhankelijker van God. Dan zong ik soms psalmen met tranen in mijn stem als een gebed, als eigen woorden ontbraken. Wat ligt er veel in de psalmen! Eigenlijk alle emoties zijn in de psalmen verwoord. Dan is dat voor mij een rijk boek. En ben ik dankbaar dat de psalmen in de Bijbel staan. Maar ook dat ze berijmd zijn. Om ze te kunnen zingen, alleen en met de bewoners.
Van 12 t/m 16 oktober mocht ik een week mee op kamp naar Debrecen. Debrecen is een stadje in het oosten van Hongarije. Er gingen zestien bewoners en begeleiding mee. Volgens Latsi gingen we niet naar Debrecen, maar naar ‘december’. Wat door een andere bewoner werd verbeterd: “We gaan niet ‘met september’. We gaan nu!”
Dit kamp werd georganiseerd door Dorcas Hulp Nederland. Dorcas organiseert kampweken voor kinderen en jongeren (bleekneuzen) uit Roemenië en de Oekraďne in Debrecen en nu mochten onze bewoners daar ook een week zijn.
We hadden een heel verschillende groep bij ons. Bewoners die grotendeels zelfstandig zijn, maar ook bewoners die geholpen moesten worden met douchen. Zoals Gergo (14 jr) en Marcel (11 jr). Marcel die zelfs duidelijk vertelde wie hem hierbij moest helpen. Er was ook een oude man bij. Ik herinner me de glimlach die hij teruggaf, toen ik hem ‘s middags wakker maakte nadat hij was ingedut.
Tijdens zo’n kampweek is het voor mij goed te merken, hoe belangrijk een dagindeling/dagprogramma voor de bewoners is. Hier in Dunaalmás hebben helaas maar heel weinig bewoners zo’n programma. Het is hier, mede door het personeelstekort, niet mogelijk om zo intensief met de bewoners op te trekken en alle bewoners een dagprogramma aan te bieden. Maar voor mij is het contrast heel groot en ik gun het hier alle bewoners.
Doordat er in deze week intensief met de bewoners wordt opgetrokken, ontstaat er een band met de meeste van deze bewoners. Ook de ‘gewone’ dingen, zoals het eten, doe je samen met de bewoners. Iets wat ik vanuit “De Akker” gewend was, maar hier in het huis niet gebeurt. Dan zie je daarna het resultaat van zo samen bezig zijn. Kartsi (27 jr) is een stevige, grote kerel, die sinds het kamp soms “mama” acher mijn naam zegt. Dit zegt veel over hoe het contact voor hem is. Hij gebruikt de naam “papa/mama” lang niet voor iedereen die hier werkt.
Ik ben naar hem toegegaan en heb mijn hand uitgestoken. Die nam hij aan. Samen zijn we de buitenrand van het zwembad rond gaan lopen. Na een poos werd zijn blik rustiger. We hebben gelopen tot hij ontspannen was. De andere dagen hoefde ik alleen mijn hand maar uit te steken als we verder gingen. Dan kwam hij naar de groep toe lopen. Wat een verschil.
Na ruim 8 maanden hier te mogen werken is de datum van mijn verlof gepland van D.V. 4 maart tot 14 april. In die periode hoop ik u in Nederland te mogen ontmoeten tijdens één van de presentaties. Meer hierover hoop ik te schrijven in de volgende ‘Discipel', die in december uitkomt.
Ik wil afsluiten met het gedicht ‘Bidden’ wat ik van één van jullie heb gehad, eind februari.
Post of een belletje is altijd heerlijk, maar juist op de momenten dat ik extra steun nodig had, dubbel. Gods Vaderlijke zorg is ook hierin zichtbaar. Hartelijk dank voor uw steun. Ook de map met A4’s is op zo’n moment mooi om nog eens door te lezen. Maar vooral was er de steun van uw gebeden, voor mij, voor dit werk, voor de bewoners. Daar wil ik u, bijna aan het eind van het jaar, voor bedanken en tegelijk vragen of u wilt blijven bidden. Voor mij, voor dit werk en vooral voor het behoud van de zielen van deze bewoners. Het gebed hierin is onmisbaar. Dat is het belangrijkste werk.
Ontvang allemaal de hartelijke groeten,
Gonnie Maasse.
